Prijzen en onderscheidingen

Literaire prijzen

 

1956 Poëzieprijs der Algemene Kunstkamer in België
voor Fanaal in de mist
1958 Romanprijs van de provincie Antwerpen
voor De ontaarde slapers
1958 Romanprijs van Hilvarenbeek
voor De ontaarde slapers

De bekroning en uitreiking van de Literatuurprijzen van de gemeente Hilvarenbeek vonden plaats tijdens de jaarlijkse Groot Kempische Cultuurdagen te Hilvarenbeek.
1959 Referendum van de Vlaamse letterkundigen
voor Wierook en tranen

Deze onderscheiding op basis van een enquête bij letterkundigen werd  toegekend door de Vereniging ter Bevordering van het Vlaamse Boekwezen.
1960 Arkprijs van het Vrije Woord
voor De madonna met de buil

De Arkprijs is een symbolische prijs, in het leven geroepen door Herman Teirlinck en de redactie van het Nieuw Vlaams Tijdschrift om te verhinderen dat ideologische bekrompenheid de vrijheid van denken en meningsuiting zou inperken. Aan de Arkprijs – uitgereikt in de Antwerpse galerie De Zwarte Panter – is geen geldbedrag verbonden, maar de naam van de laureaat wordt gegrift in nevenstaand kunstwerk dat wordt bewaard in het Letterenhuis te Antwerpen.

In de voet van de ‘Ark van het Vrije Woord’ zijn in de buitenste rij v.l.n.r. de namen te lezen van Hugo Claus, Fernand Goddemaer, Frans de Bruyn, Ivo Michels, Ward Ruyslinck en George Habbelinck.
1960 Referendum van de Vlaamse letterkundigen
voor De madonna met de buil
1962 Referendum van de Vlaamse letterkundigen
voor Het dal van Hinnom
1964 Prijs van de Vlaamse lezer
voor De stille zomer

Helaas beschadigd.
1965 Referendum van de Vlaamse Letterkunde
voor Het reservaat

De romans De verwondering en Omtrent Deedee van Hugo Claus werden respectievelijk in 1963 en 1964 bekroond met het ‘Referendum van de Vlaamse Letterkunde’. Beide keren weigerde Claus de prijs in ontvangst te nemen, want: “Die prijs wordt toegekend na een referendum. En daarin zitten allerlei lieden die niets van letterkunde weten. Dat heet dan referendum van de Vlaamse letterkunde voor het beste boek. De echte letterkundige wordt niet naar hun mening gevraagd. Louis Paul Boon, die ik als de beste Vlaamse schrijver beschouw, is nooit iets gevraagd, mij evenmin.”
(Bron: Henk Suèr, ‘Hugo Claus, prijzenbreker, wil geld zien. Minstens maandloon ongeschoolde arbeider.’ In: De Tijd-Maasbode, 10 november 1964.)
 

 

 

 

 

Waarschijnlijk wilde Ruyslinck in 1965 toen Het reservaat werd bekroond met deze onderscheiding Claus niet nadoen, maar heeft hem nergens vermeld.

Overigens is de naam van de prijs gewijzigd: het woord ‘Letterkundigen’ is vervangen door ‘Letterkunde’.

1966 Tweejaarlijkse August Beernaertprijs (periode 1964-1965)
voor De paardevleeseters

Deze prijs was een aanmoedigingsprijs die diende ter bevordering van de Vlaamse letterkunde. De prijs werd toegekend door de Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde in Gent.
 
1966 Premie voor letterkunde, in de categorie toneelwerk, radio- of tv-spel van de Provincie Antwerpen °)
voor ‘De corridor’
 
1967 Prijs voor Letterkunde van de Vlaamse Provinciën
voor Het reservaat
 
1975 Het Gulden Boek van de Lezende Jeugd (Vereniging ter Bevordering van het Vlaamse Boekwezen)
voor Het ganzenbord

Deze onderscheiding op basis van een enquête bij jeugd van middelbare scholen werd toegekend door de Vereniging ter Bevordering van het Vlaamse Boekwezen.

1976 Romanprijs van de provincie Antwerpen
voor De heksenkring
1980 Europalia Literatuurprijs
voor het tot dan verschenen oeuvre

Deze literatuurprijs in het kader van het cultuurfestival ‘Europalia’ werd toegekend door een internationale jury, bestaande uit academici en critici uit Denemarken, Duitsland, Engeland, Frankrijk, Ierland, Italië, Luxemburg en Nederland.
 
1983 Romanprijs van de provincie Antwerpen °)
voor De boze droom het medeleven
1984 Bocari Positief Prijs
voor Leegstaande huizen

Laureaat van de literatuurwedstrijd die werd georganiseerd door Uitgeverij Dirk Bockland te Gent.
 
2005 Prijs voor Letterkunde van de provincie Antwerpen
voor het gezamenlijke oeuvre

°) De prijzen van de Provincie Antwerpen van 1966 en 1983 zijn bevestigd door Marcel De Cock, Senior adviseur van het Departement Cultuur van de Provincie Antwerpen. Aan de premie van 1966 was een geldbedrag verbonden van 10.000 fr. en aan de prijs van 1983 een bedrag van 30.000 fr. Van de laatste prijs is naderhand de gedenkpenning gevonden.

 

Onderscheidingen

 

1961 Militair Ereteken 1ste klas
1966 Chevalier d’Honneur van de Chevaliers de la Volière, Nijmegen.

De bul verbleekte aan de wand; Guido Gezelle kreeg het sigillum om zijn nek.

 

 

 

1967 ‘Aangeboden aan de heer Ward Ruyslinck door de Bestendige Deputatie van de Provinciale Raad van Antwerpen, 21 maart 1967’ (een in kunsthars gegoten gouden wapen van de Provincie Antwerpen in cassette)
1970 James Ensor-penning, Oostende
1977 Rubens-penning, Antwerpen

Voor zijn medewerking aan de organisatie van festiviteiten in het kader van het Rubensjaar. Onder meer voor zijn medewerking aan de inrichting van de tentoonstelling in het Museum Plantin-Moretus en de totstandkoming van de catalogus P.P. Rubens als boekillustrator.

1981 Commandeur in de Orde van Leopold II
1982 Commandeur in de Leopoldsorde
1985 Ward Ruyslinck was uitgenodigd om op zondag 5 mei 1985 aanwezig te zijn op de jaarlijkse academische zitting van de Orde van de Vos Reynaert te Sint-Niklaas. Tijdens deze zitting zou hij met vijf andere personen worden opgenomen in de Grootorde van de Vos Reynaert. Helaas was Ruyslinck verhinderd, waardoor hem deze onderscheiding niet kon worden uitgereikt.
1988 Ridder in de Orde van de paardevisser, Oostduinkerke
1991 SABAM-penning, Brussel
1998 Grootofficier in de Leopoldsorde
2011 Ereburger van Meise

Titel verleend door burgemeester Marcel Belgrado op 6 december 2011 in het Administratief Centrum te Wolvertem.